Engeland was vroeger voor een groot deel bedekt met bossen. Daarvan is niet veel meer over, op een paar bosrijke gebieden na zoals de New Forest bij Southampton en Sherwood Forest in de buurt van Nottingham.

Het kustlandschap van Engeland is zeer gevarieerd, van kiezelstranden en krijtrotsen in Sussex tot uitgestrekte zandstranden in het noorden van Norfolk. Het zuidwesten kent witte zandstranden waar populaire badplaatsen liggen als Brighton en Blackpool.

Groot-Brittanniƫ kan grofweg worden verdeeld in Upland Britain met hoogvlakten en gebergten en in Lowland Britain met laagvlakten en open velden. Engeland wordt in het algemeen gedomineerd door laagland. Hoger gelegen gebieden zijn het Penninisch Gebergte (tot 640 meter), de Yorkshiremoerassen (tot 450 meter), het gebergte van Cumbria (tot 1000 meter) en Cornwall (tot 620 meter).

In het zuiden van Engeland liggen de uitgestrekte heidegebieden en heuvels van de kustregio’s Cornwall en Devon met een hoogste top van ca. 620 m in het fraaie Dartmoor National Park. De ketens kalkheuvels die hier het landschap bepalen vormen de beroemde krijtrotskust met z’n steil uit zee oprijzende witte rotswanden van Devon tot Dover. Marktante punten zijn Beachy Head en The Seven Sisters ten westen van de badplaats Brighton in East-Sussex.